• Gemeente Scherpenzeel

Vraagtekens bij bouwleges: Scherpenzeel duurste gemeente Gelderland

SCHERPENZEEL Het gemeentebestuur is opgeschrikt door een publicatie van de agrarische ondernemersorganisatie LTO Noord in hun blad Nieuwe Oogst over de enorme verschillen tussen de bouwleges die gemeenten heffen. Scherpenzeel blijkt fier de ranglijst in Gelderland aan te voeren als duurste gemeente.

Margreet Hendriks

De fractie van de VVD slingerde de discussie in de Opinieronde aan met hun schriftelijke vragen bij de nieuwe legesverordening die donderdag door de raad moet worden vastgesteld. In het onderzoek van LTO Noord is berekend dat bij een bouwsom van 700.000 euro in Scherpenzeel een bedrag van 23.940 euro aan leges verschuldigd is. Dit komt neer op een percentage van 3,42%. Apeldoorn en Duiven staan met respectievelijk 3,40% en 3,26% op de tweede en derde plaats.

BARNEVELD GOEDKOPER Buurgemeente Barneveld blijkt daarentegen met 1,97% met de bouwleges een stuk goedkoper te zijn. Volgens beleidsadviseur Taeke Wahle van LTO Noord kunnen de gemeenten geen goede onderbouwing geven voor hun tarieven. Hij meent dat deze door gemeenten worden misbruikt. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) weerspreekt dit overigens. Onder de streep moeten de leges volgens de VNG altijd kostendekkend zijn. CDA-raadslid Jan van Kampen vroeg zich af hoe die kostendekkendheid eigenlijk werd berekend. Van Kampen wees erop dat de vergunningverlening voor zowel Scherpenzeel als Barneveld wordt uitgevoerd door de Omgevingsdienst De Vallei (OddV). ,,Waar komen die verschillen vandaan? Zijn de salarissen in Scherpenzeel zoveel hoger dan in Barneveld of hanteren die een andere rekenmethode?'' De VVD had al laten weten ervan uit te gaan dat door de samenwerking met de OddV de efficiëncy van het beoordelen van de omgevingsvergunning wordt verhoogd. ,,Hoe kunnen we ondernemers uitleggen dat Scherpenzeel hen met de hoogste kosten opzadelt?'' wilde VVD-commissielid Anneke Heemskerk weten.

GESCHROKKEN Wethouder Vreeswijk zei ook geschrokken te zijn van de uitkomsten van het onderzoek van LTO Noord. Heel veel duidelijkheid omtrent de berekening van de kostendekkendheid kon hij echter niet geven omdat deze, afhankelijk van het aantal aanvragen, per jaar nogal schommelt. Het college neemt volgens Vreeswijk hiervoor een bedrag in de begroting op en brengt hierop vervolgens via de tweejaarlijkse financiële rapportages met plussen en minnen correcties aan. ,,Maar het blijft lastig in te schatten.''

KOSTENDEKKEND In 2014 is er onderzoek gedaan naar de kostendekkendheid van de leges waaruit bleek dat de kosten over de gehele legesverordening op 91,6 uitkwam. De OddV kon op dat moment de kosten nog niet duidelijk inzichtelijk maken, waardoor men aanneemt dat de kostendekkendheid waarschijnlijk lager is. Aan het beter inzichtelijk maken van de kosten wordt volgens Vreeswijk door de OddV nog steeds gewerkt. De wethouder zei te hopen dat daar in het komend jaar meer inzicht in zou komen, ook met het oog op een voorstel om de legeskosten in regioverband te gaan harmoniseren.

Van Ekeren (SGP) merkte op dat de OddV wel erg lang in een opstartfase blijft hangen. ,,Het is een beetje een diesel; die starten nu eenmaal wat langzamer op'' vergeleek de wethouder. Maar Vreeswijk zegde wel toe om de druk op de OddV te gaan opvoeren zodat de raad in de eerste helft van 2017 met een wat transparanter beeld nog eens kan discussiëren over de legeskosten.